Vergeten klassieker
Gepubliceerd in Spiegel magazine 10, april 2008
De jaren vliegen voorbij en het lijkt wel of de seizoenen met de jaren korter worden, en er zijn momenten dat de visuurtjes niet voor het oprapen liggen. Nee, we leven in een hectisch wereldje waar het voor mensen zoals ik soms nog maar weinig ruimte is voor onze geliefde hobby. Een strakke planning op er na houden is in mijn geval dan ook noodzaak om aan mijn visuurtjes te komen. Echter niet getreurd, daar in de hoek van m’n schuur lonkt die ouwe penstok naar me en zou ik binnen een half uurtje aan het water kunnen zitten.
Al was het alleen om weer eens lekker uit te waaien, niet altijd die drang om te presteren gewoon domweg naar dat stukje gekleurde balsahout turen. Vooral in het vroege voorjaar als er nog geen hond langs de waterkant zit is het heerlijk vertoeven. En zorgt een vroege voorjaarszon voor wat leven op de ondiepe delen van de wateren. En naar maar mate de zonuren toenemen zijn de ondiepe dele ware trekpleisters, en is het een waar schouwspel als de vissen er zich begeven en je in alle rust kunt aanschouwen.
Maar op het moment dat ik m’n boeltje bij elkaar raap komt de eeuwige vraag naar boven, waar gaan we mee vissen. In het voorjaar blijven die goud gele korrels uit blik het goed doen, maar wat dacht je van een smeuïg deegje. De laatste jaren heb ik er eigenlijk amper mee gevist en waarom, het is en blijft een killer van een instant aasje. En net zoals bij de bollen kun je naar hartelust variëren, elke bol is immers eerst een deegje geweest. Maar mijn top 3 was dan toch wel de hennep, trouvit en m’n trouwe kattenvoer deegje, met dank uiteraard aan Rini Groothuis. De tijd dat ik aan moeders aanrecht stond te knoeien staat in mijn geheugen gegrift en ik geloof dat m’n moeder het me nog steeds niet in dank af neemt als er weer eens aangekoekte blikkenvoer aan de gootsteen zat.
Het is me menig ochtend overkomen dat tijdens het bereiden van m’n kattenvoerdeegje ik me afvroeg waarom ik niet even de moeite had genomen het de avond van te voren te bereiden. Zo op de nuchtere maag een blikje kattenvoer uitlepelen en met brinta of wat gekookte aardappelen kneden tot een smeuïg deegje is niet bepaald een lekker karweitje, maar het is en blijft een topdeegje. Zelfs vandaag de dag kun je hiermee werkelijk brokken maken, zelfs op de dood geviste wateren waar menig bol is gespendeerd. Ook hier geldt weer, afwijken van de grote meute zorgt zo nu en dan voor leuke verassingen. Zo verovert de running rig zijn plekje weer binnen de statische visserij, en zijn we weer een stukje terug bij af.
Het deegje
Voor de bereiding van de deegjes bestaat mijn basis uit zacht gekookte aardappels, een perfecte binder en tevens creëer je hiermee een zachte smeuïg deegje die niet van de haak valt en waar je makkelijk je haak door trekt bij het zetten van de haak. Meer dan 2 delen gebruik ik niet, doodsimpel goedkoop en effectief. Soms maak je het jezelf te moeilijk door aan de haal te gaan met ingewikkelde mixen en duistere toevoegingen maar of je vangst daar nou aan te wijden valt is zeker niet altijd een gegeven.
Aangezien ik niet met het deeg voer, heb je voor een dagje pennen meer dan voldoende aan pondje. Ik zie het niet zitten door met deeg te gaan voorvoeren, vanwege de zachte structuur is het voor de witvis een makkelijke haalbare kost. Het klompje restant gaat gewoon in de vriezer en kan weer gebruikt worden voor een volgende struintocht. Als ik met een deegje vis voer ik in eerste instantie wat kleine partikels, een paar handjes hennep of tarwe en we kunnen vissen.
Een grof hennepdeegje, je neemt wat aardappelen en een paar stevige handen gekookte hennep. Dit geheel kneden we net zolang tot er een compact goedje overblijft. Je zou hiervoor eveneens gemalen hennep kunnen gebruiken, maar ik hou het toch liever bij gekookte hennep. De hennep gaat even een half uurtje in een pan met water op laag vuur, dan zet ik de hennep inclusief kookvocht een nachtje weg. De volgende dag zijn de mooie witte scheutjes zichtbaar en klaar is kees. Zo’n deegje met hele en stukjes hennep is een perfecte aanbieding op of naast een hennepbedje, en kan de karper maar moeilijk weigeren.
De deegjes kneed ik rechtstreeks op de haak, hiervoor gebruik ik wel wat grotere klauwhaken om er in ieder geval ervoor te zorgen dat het deegje op z’n plaats blijft. En tevens bezorgde te kleine haken verstopt in een beste deegbal mij alleen maar veel missers. Wat misschien wel een optie is om een kurken balletje aan een hairtje te bevestigen en dan er wat deeg om te kneden. Echter heb ik daar geen ervaringen mee met de pen maar is het zeker de moeite waard, maar aan de andere kant waarom iets veranderen zolang het nog werkt.
Het voorjaar begint
Die oude glasstokken in de schuur hebben te lang stil gelegen, en ik vervloek mezelf als ik één van m’n penstokken in elkaar schuif. Doordat ik de stokken rechtop tegen de muur heb gezet en zo een maand of 2 hebben gestaan zit er een flauw bochtje in de top. Tevens vond één van m’n honden het nodig het kurk te bewerken van m’n ouwe trouwe Winston en ziet de penstok er wel erg zielig uit. Het wordt nu toch echt eens tijd voor een slanke lange penstok, ach wie weet iets voor in een andere bijdrage maar als het om materiaal gaat ben ik toch echt een zeikerd. En zijn er lezers onder ons die de perfecte blank voor me weten, schroom dan niet om even een mailtje richting de redactie te sturen, maar ok genoeg hierover. Ik meet een watertemperatuur van krap 7 graden we zitten immers nog maar net in de maand maart, en ik verwacht nog niet echt dat de vis over actief zal zijn. Echter gewapend met m’n hennepdeegje kan ik wellicht wat forceren. De stek is mij zeker niet onbekend en weet hier zo vroeg in het seizoen altijd wel een visje tussen de takken weg te plukken.
Nadat ik mijn auto heb geparkeerd verdwijn ik met een emmertje hennep tussen de struiken. Na wat kruipwerk kom ik bij de waterkant en leun tegen de overhangende boom, het water is kraakhelder en met m’n polaroid zoek ik het water af na wat leven. Hier en daar schieten wat voorns weg, die zullen de hennep zeker waarderen maar daar komen we niet voor. Snel een paar handjes tegen de overhangende tak en weer terug naar de auto. Alles gaat op de automatische piloot de hengel wordt opgetuigd, en ik schuif m’n net in elkaar. M’n mat gebruik ik als zitvlak een stoel is alleen maar lastig tussen de takken en de schuine oever. Niet veel later nestel ik me tussen het kreupelhout en kan het wachten beginnen, voordeel is dat ik hier geen last heb van de koude wind en eigenlijk zit ik hier wel best. Tevens zorgt de stek voor de benodigde beschutting en wordt ik niet opgemerkt door passerend volk. Niets is zo storend als je tijdens het pennen wordt gestoord door een niet visser die verlegen zit om een praatje, nee laat mij maar lekker met rust. Na een half uurtje beginnen de eerste tekenen van vis te verschijnen, hier en daar stijgen wat belletjes naar de oppervlakte. Een teken dat m’n hennepbedje is gevonden, snel de lijn inhalen en de haak voorzien van een vers deegbal. Na een kwartier volgt de verwachte aanbeet en de scheert in ene run naar de overkant en heeft z’n heel gezocht in de afgestorven lelieveld en het handeltje zit muurvast. Dit is iets wat ik op deze stek altijd probeer te voorkomen aangezien de oever links en rechts van mij bezaaid is met bomen en struiken. Maar met wat stuntel werk red ik het dan toch om de brug te bereiken en ga richting vis aan de overkant. Van een dril is verder geen sprake en niet veel later ligt er een leuk schubje op adem te komen in m’n net, toch maar even snel een plaatje knallen en het beestje mag weer terug.
We zijn nu wat verder in het voorjaar en ik zit wat na te genieten van een ochtendje vissen, het groen staat er al mooi bij en ik verwacht dat de vissen zich binnenkort opmaken voor de paai. Ik heb zojuist een draak van een dril gehad en gelukkig afgesloten in mijn voordeel. Dit keer met de steuntjes aan een 30 hectare put, ja ja door mijn strakke planning en geringe vistijd probeer ik m’n kostbare tijd zo efficiënt mogelijk in te plannen. En sommige wateren lenen zich niet zo best deze te bevissen met de pen en kruip ik dan ook achter de steuntjes. Deze vis heeft me wel even bezig gehouden en het beest vocht voor wat ie waard was, een prachtige lange massieve schub één brok dynamiet, ja zo zie ik ze graag. Ok, deze vangst hoort niet echt in de penrubriek thuis maar deze vis kon de kattenbrokken zeker waarderen. Dit keer geen deegje maar een kattenbrokken bol, van deegje naar bol.

